| ‘Mislukt experiment’
‘Mislukt experiment is de overkoepelende titel van mijn werk
dat in basis een conceptueel uitgangspunt heeft.
In eerste instantie werd mijn werk gekenmerkt, niet zo zeer door
afschuw voor experimenten en voortbrengselen van de empirische wetenschappen,
maar door het plaatsen van vraagtekens bij het alleen recht op de ‘Waarheid’ en ‘De
Waardevrijheid’ die o.a. de natuurwetenschappers in de historie
hebben geclaimd.
Natuurwetenschappers is het steeds om het probleem van kennis te
doen en wel om een gegronde, gewaarborgde, bewijsbare, als het ware
met ‘dwang tot instemming’ demonstreerbare kennis, is
volgens hen de enige juiste vorm van kennisverwerving. Het automatisch
leidt tot wat zij ‘wetenschap’ noemen.
De filosoof Carnap heeft in zijn werk ‘De logische opbouw
van de wereld’ de bijna fantastisch lijkende poging gedaan
de begrippen van alle terreinen van de wetenschap in één
samenhang te ordenen. Deze positivistische manier van denken, welke
aan het begin van de 19e eeuw door de Wiener Kreisbeweging tot manifest
werd gemaakt, vormt de basis van mijn werk.
In mijn werk plaats ik vraagtekens bij het positivisme waarin men
door getallen en absolute synthese controle denkt te kunnen krijgen
over de natuur en het leven, alsmede de overwaardering voor het rationele
en exacte denken.
Het is een Platonische structuur van denken met betrekking tot diverse
vakdisciplines en bevestigt m.i. het eenzijdige karakter van onze
opvoeding en vorming en de daaruit voortkomende waardeoordelen in
onze samenleving. Plato ging er vanuit dat alles in de kosmos schoon
is. Die welgevormdheid werd in getalsverhoudingen tot uitdrukking
gebracht: Álles is getal!’. Die ideeën hebben onze
maatschappij in een structuur verdeeld die heden ten dage nog haar
geldigheid heeft.
In mijn werk, dat in publicaties ook wel eens een ‘Donquichotte-achtige’ campagne
is omschreven, probeer ik op ironische, soms relativerende dan weer
sarcastische, polemische en retorische wijze via mijn beeldend werk
vraagtekens te plaatsen bij deze ‘getalsmatige, functionele
en nuttige’ manier van denken. Soms heeft het werk een weerbarstig
en pamfletachtig karakter, soms ook esthetisch. Tevens tonen begrippen óbjectiviteit’ en ‘kwaliteit’ hun
kwetsbare karakter. In bepaalde kringen noemt men mij een ‘dogmatische
relativist’. Voor mij een geuze naam.
De diverse verschijningsvormen van mijn werk worden bepaald door
het concept. De vorm en de materialen worden aangepast aan de gestelde
thematiek. Vorm volgt de inhoud.
Het gaat hierbij om installaties, twee- en driedimensionaal werk,
kunst in de openbare ruimte alsmede campagnes. Bij voorkeur zoek
ik een podium die gerelateerd is aan de inhoud van mijn werk, ik
zoek de discours.
Voorbeelden:
Mijn ‘anti-Kies exact campagne’ onder de titel ‘Nee
verdomme…Jij kiest exact’. Op de uitvalswegen van de
Gemeente Arnhem waren vijf verschillende billboards te zien met teksten
van een hoog positivistisch gehalte die in een absurdistisch kader
werden geplaatst.
In mijn laatste project richt ik me op ‘De Waarheid’ van
de medische wetenschappen. Op grote tekeningen op doek (180 x 220
cm) met een fotografische uitstraling zijn portretten te zien van
mensen met ziektes in hun aangezicht. Over de tekeningen worden transparante
vitrage gespannen met waarop teksten gezeefdrukt met op het beeld
een niet van toepassing zijn de diagnose en behandelmethode of relativerende
teksten. De tekst is een contradictio in terminis.
‘Bespiegelingen tussen ‘Hemel en Aarde’ heeft
een relatie met de Ánti-Kiesexact’ campagne en het Pythagoras
project. Bij dit project heb ik voor een nachtcafé in een
studentenwijk in Nijmegen occulte wetten van Pythagoras op schotten
rondom het café aangebracht. Hij had deze wetten als leefregels
voorgeschreven aan zijn studenten.
F.E. van der Weide |